Vaarbewijs cursussen
Kwaliteit & passie
Klik hier om terug te gaan naar het overzicht.
Ik heb getracht uit te
zoeken hoeveel van de bestedingen door de watersporters nu al in onze
nationale schatkist terechtkomt of op een andere manier als inkomsten
bij de overheid belandt. We betalen BTW over bijna al onze aankopen, we
betalen naast BTW ook accijns op brandstoffen. We betalen sluisgeld,
toeristenbelasting en hier en daar ook voor een vaarvergunning. Maar
hoeveel is dat nu bij elkaar en waar komt het terecht?
Antwoord geven op deze vraag bleek lastiger als gedacht.
Er
is veel onderzoek gedaan naar de omvang van de watersport en
waterrecreatie. Met name naar de omvang en de economische betekenis. In
de diverse documenten en rapporten die vrij op internet te vinden zijn
is echter niet direct iets te vinden over welk deel van de
watersportuitgaven naar de schatkist vloeit.
In het advies van
de Taskforce "Versterking Recreatietoervaart" worden geen harde cijfers
genoemd. Alleen wordt de post sluis- en tolgelden (incl. bruggelden,
vaarvergunningen etc.) geraamd op ruim € 3 miljoen. Dat is dus geld dat
de watersporters nu al betalen en geld dat direct terechtkomt bij de
heffende vaarwegbeheerder.
Eerder schreef ik al dat de sluisgelden
beslist niet door de Taskforce worden opgeheven. Immers uit de
opbrengst van de plezierbootbelasting wordt jaarlijks een "afkoopsom"
overgemaakt naar die vaarwegbeheerders die nu al heffingen heffen.
Alleen de wijze van betalen wordt dus anders. Het al oude klompje van
de brugwachter verdwijnt en wordt vervangen door de
plezierbootbelasting die centraal wordt geheven.
Met het verbod
op het tanken van rode accijnsvrije diesel betalen de pleziervaarders
dus accijns over alle brandstoffen die gebruikt worden. Over benzine is
dat bijna 70 eurocent per liter en over diesel ruim 41 eurocent. Dat is
exclusief 19% BTW die ook op brandstoffen zit.
Overigens zit op de rode diesel nog steeds zo'n 25 eurocent aan accijns.
Onbekend
is hoeveel de watersport per jaar aan brandstof verbruikt en dus
hoeveel accijns en BTW direct in de schatkist vloeit. Alle jachten
(groot en klein) met een motor zijn in beeld om plezierbootbelasting te
gaan betalen. Men schat dat aantal op 300.000. Als die gemiddeld zo'n
50 liter brandstof verbruiken, wat denk ik niet zo veel is. Dan
bedragen de inkomsten aan accijns per jaar al meer dan € 6,1 miljoen
als iedereen diesel zou tanken. Dat is niet zo dus de werkelijke
inkomsten zullen veel hoger liggen. Excl. de 19% BTW die geldt over de
totale prijs aan de pomp.
Uit onderzoek naar de waterrecreatie
blijkt dat een gemiddelde toervaarder in 2002 per dag al € 75 uitgaf.
Daar zat de brandstof ook in. In 2008 zal dat bedrag zeker zijn
opgelopen tot zo'n € 85 per dag dat men aan boord is (in de haven of op
het water). Dit is inclusief liggelden. Over bijna alle
watersportproducten en diensten wordt 19% BTW gegeven. Dat betekent dat
aan BTW van die € 85 er ongeveer € 14 aan BTW in de staatskas
terechtkomt.
Volgens het CBS werden er jaarlijks ruim 7,2
miljoen dagen besteed aan watersport en waterrecreatie. Dat betekent
dat de BTW inkomsten uit de watersport en waterrecreatie ruim € 100
miljoen bedragen. Bovenop deze € 100 miljoen komen de al genoemde
sluisgelden a € 3 miljoen en de ruim € 6 miljoen aan accijns op
brandstoffen.
Volgens gegevens van de HISWA bedraagt de totale
omzet van alle watersportbedrijven in Nederland € 2,5 miljard, waarvan
€ 1,4 miljard export is. Dat is dus geld dat vanuit het buitenland naar
ons land vloeit. Voor een deel verdient de overheid hieraan middels
importheffingen ed.. Hoeveel dat is heb ik niet kunnen achterhalen.
Ongeveer
€ 1,1 miljard is dus zogenaamde binnenlandse omzet van de
watersportbedrijven. Over deze omzet heft onze overheid in ieder geval
BTW. Als we van de omzet van de watersportbedrijven uitgaan komt dat op
een bedrag van dik € 200 miljoen aan BTW voor de nationale schatkist.
Dat is exclusief winstbelasting die deze bedrijven ook nog betalen. En
ook dit bedrag is weer exclusief de sluisgelden en accijns op
brandstoffen.
Omdat de omzet van de watersportbedrijven door de
consumerende watersporter wordt opgebracht wordt dus ook de BTW door
hen opgebracht.
Op bovenstaande schattingen en berekeningen is
vast veel aan te merken. Ik sta dan ook open voor bronnen die
betrouwbare informatie kunnen leveren en helpen de getallen scherp te
krijgen.
Bij gebrek aan beter is mijn conclusie dat de
watersport in zijn totaliteit meer dan € 100 miljoen oplevert voor de
staatskas. Daar wil men met de plezierbootbelasting nog zo'n € 45
miljoen aan toevoegen. Dat betekent een verhoging van 45% !